Van de gehele Indonesische archipel is Sumatra wellicht het meest gevarieerde eiland. Zowel natuur- als cultuurliefhebbers komen hier ruimschoots aan hun trekken. Het eiland kent vele kleurrijke bevolkingsgroepen die hun eigen cultuur, tradities en huizenbouw hebben weten te behouden.

Het afwisselende landschap wordt bepaald door enorme vulkanen, ongerept regenwoud, glinsterende kratermeren, uitgestrekte plantages, koraaleilandjes en witte zandstranden. Ook de fauna is uniek; in de bossen van Sumatra leven nog tijgers, orang utans, neushoorns en olifanten.

Ook zonaanbidders en duikliefhebbers komen in Sumatra aan hun trekken. De eilanden Pulau Weh in het uiterste noorden en Cubadak in het westen zijn prachtige bestemmingen met mooie palmstranden en onaangetast koraal. Ook op het eiland Bangka en aan de kust bij Padang liggen langgerekte witte stranden.

Sumatra: land van goud

Een rondreis door Sumatra begint meestal in de hoofdstad Medan. Daarna mag u een bezoek aan het dorp Bukit Lawang, van waaruit het oerwoud goed toegankelijk is, absoluut niet missen. Bukit Lawang ligt op de grens van het Gunung Leuser Nationaal Park, het grootste nationale park van Zuidoost Azië. Orang utans die voorheen in gevangenschap leefden worden hier opgevangen en voorbereid op een terugkeer naar de vrije natuur.

Vanuit Medan of Bukit Lawang rijdt u naar het bergdorpje Berastagi. De weg voert langs Peceren, een dorp met traditionele huizen, die door meerdere gezinnen worden bewoond. In het nabijgelegen Lingga zijn nog een aantal traditionele Batak Karo huizen.

Vanuit Berastagi voert een prachtige, lange tocht naar het Tobameer. Onderweg komt u langs het paleis van koning Simalungun in Pematang Purba. Bij de Sipisopiso waterval geniet u van een adembenemend uitzicht over het Tobameer. In het plaatsje Parapat, aan het Tobameer, neemt u een boot naar het eiland Samosir.

Vanaf Prapat reist u via de Trans-Sumatra ‘highway’ naar Bukittinggi in West Sumatra. Onderweg is een ananasplantage te zien, de markt van Balige, het Janggadorp en warmwaterbronnen. In Sipirok kunt u overnachten. De volgende dag rijdt u verder naar Bukittinggi, met onderweg bezoek aan de Aek Sijornih waterval, de botanische tuin, het Panti Nature reservaat en Bonjol, waar u de evenaar oversteekt.

Bukittinggi is de hoofdstad van de Minangkabau en een van de vriendelijkste steden van Sumatra. In de nabije omgeving brengt u een bezoek aan het dorpje Pandai Sikat, beroemd om de weef- en houtsnijkunst, een traditionele koffiemalerij te Sungai Tarab, de prachtige kratermeren Singkarak en Maninjau en het Pagaruyung paleis. Een tocht door Sumatra eindigt meestal in Padang, maar u kunt natuurlijk ook verder naar het zuiden reizen.

Vanuit Padang reist u via Muara Labuh naar Sungai Penuh in het Kerinci Seblat National Park. Onderweg komt u langs de meren Diatas en Dibawah en de watervallen bij Telun Berasap en ziet u behalve kaneelplantages ook de grootste theeplantage in Indonesië, Ao Kayu Aro. Vanuit het zuidelijker gelegen Bangko kunt u een bezoek brengen aan de nomadische Kubu-stam.

Via overnachtingen in Lubuk Linggau en Lahat bereikt u uiteindelijk Palembang. Onderweg kunt u genieten van de mooie uitzichten over op de hoogste berg van de Barisan bergketen, de Dempo en stopt u bij verschillende plantages en de oliebronnen van Muara Enim en Prabu Mulih. Een aangename manier om daar de bedrijvigheid op en langs de rivier te aanschouwen is een tochtje over de Sungai Musi.

Een rondreis over het boeiende Sumatra kunt u zowel in het noorden, midden als zuiden afsluiten op ongerepte eilanden zoals Pulau Weh, Cubadak of Bangka. Hier geniet u in alle rust van de wuivende palmen, de heldere zee en fabelachtig mooie zonsondergangen als perfect sluitstuk van een van de mooiste reizen van uw leven!